 |
“Liever Heimwee dan Haarlem”.
Tegendraads / Schuurshow 14 november 2004, door Jaap Pop.
Tussen de onstuitbare stroom van mails, die tegenwoordig zorgt voor het
intermenselijke contact,
tussen die onrijpe, slecht geformuleerde brij van halfwassen gedachten,
tussen die dagelijkse onbedwingbare babbelboxbende, zat de vraag: “wil
je in ‘Tegendraads’ iets zeggen over heimwee?”
Het woord tegendraads sprak mij aan.
Normaal past dat niet in mijn rolpatroon, maar op uitdrukkelijk verzoek
tegendraads zijn, zo’n kans laat ik niet voorbij gaan.
Dat het over Heimwee moest gaan, nam ik op de koop toe.
“En wat mag ik als titel in het programmaboekje zetten?”, vroeg
de organisatie.
Mij al direct tegendraads inlevend, riep ik: “Liever heimwee dan
Haarlem” en ik bedankte in gedachten Leo Vroman, die liever Heimwee
dan Holland had en daarom in Amerika woont.
Heimwee dus, dat grote project van Michèle Baudet, waar je deze
dagen niet om heen kan in Haarlem. Overal kom je het tegen. En dat is nu
juist mijn grote bezwaar. Kijk, dat je zelf een Gronings heimweeprobleem
hebt, allaa, maar hou ons er buiten, laat ons met rust in ons tevreden
Haarlemse stadje.
Nu is helaas die ongeneeslijke heimweeziekte, als een
niet te stuiten epidemie op ons allemaal overgeslagen. Wij zijn collectief
besmet. Hoe komen wij hier ooit weer vanaf, is de prangende vraag. En we
leefden hier zo rustig in ons stadje, zonder last te hebben van heimwee
of nostalgie of hoe die gekkigheid maar moge heten. In zo’n vraaggesprek,
zojuist wordt het ook niet duidelijker.
Wij hadden géén heimwee naar oude geliefden die ons ooit
in de steek gelaten hadden; Wij smachtten niet nostalgisch naar de appelmoes
die oma vroeger maakte; Wij taalden niet naar het verloren gegane Haarlem ‘ En
wij verlangden niet heftig terug naar die strenge akela van het zomerkamp
Al die gesloten wonden worden nu door het Heimwee project weer wreed opengereten.
Ook al zijn er in het Pest en Dolhuis therapie boxen gezet, en ook al zorgt
het Instituut voor de lopende mens voor slachtofferhulp......
het leed is al geschied. De burgemeester heeft het Heimweefestival gisteren
officieel geopend en het lijkt niet te stuiten. Is het dan allemaal ellende,
wat de klok slaat?..... ja, eigenlijk wel.
Maar er zit misschien toch een positief puntje in Heimwee. Ik zal het uitleggen.
Aan Heimwee kom je niet toe als je geen herinnering hebt. En tegen herinneringen
heb ik niets, als het maar geen heimwee wordt. Herinneringen zijn nodig
om het leven verder te brengen. Collectieve herinneringen, dat heet ook
wel de geschiedenis, zijn nodig om een land verder te brengen. Een land
dat zijn verleden vergeet, heeft geen toekomst. Continuïteit
is daar een kernbegrip in. Continuïteit, zoals die zich hier aan het
begin van de middag afspeelde bij de ontvangst van Sinterklaas. Sinterklaar
symboliseert de continuïteit
van de ontvangst van Spanjaarden in Haarlem door de eeuwen heen. Het is
fascinerend te beseffen dat Sinterklaas uit Spanje kwam aangevaren over
het Spaarne. Diezelfde rivier, waarin de Spanjaarden tijdens de tachtigjarige
oorlog, Haarlemse burgers ruggelings gebonden verdronken.
“Herinneringen” zijn dus akkoord, maar laat het niet in heimwee
ontaarden. Michèle mag nog zo vriendelijk kopjes geven en zielbalsem
uitdelen, ik blijf de heimwee-ziekte fataal vinden.
Om het tegen te gaan is dan ook een preventieve aanpak nodig. En daarvoor
heb ik een suggestie:ga fotograferen, leg alles vast, leg alles vast, waarvan
u denkt dat u er later heimwee naar zult krijgen. Dan heeft u een objectief
beeld als herinnering en wordt u geen slachtoffer van uw fantasie. Dus
fotografeer al uw geliefden zodat u, als ze u in de steek gelaten hebben,
beschikt over een complete documentatie. Fotografeer de appelmoes van uw
oma, fotografeer al die gebouwen, die het gemeentebestuur van Haarlem afbreekt
en nog zal afbreken, en fotografeer die strenge akela in haar laarzen op
het zomerkamp.
Mijn moto is:Liever foto’s dan Heimwee. Maak van Haarlem een fotostad
en denk nooit meer terug aan Heimwee. Hiermee zou ik kunnen eindigen, maar
ik heb nog een toegift.
Tegendraads zeggen! hoe het niet moet is geen kunst, maar zelf een idee
opperen is moeilijker.
Ik doe een poging. Ik heb een thema, een suggestie voor een vergelijkbaar
festival voor volgend jaar waar weer de hele stad aan kan meedoen. Dat
weer landelijke bekendheid krijgt zoals nu, maar dan een positief thema.
En mijn thema is: Voorpret.
Voorpret is eigenlijk het spiegelbeeld van heimwee. Voorpret is heimwee
die nog moet komen. Voorpret is heimwee in wording. Het is het gecultiveerde
plezier over iets dat nog gaat gebeuren. Maar je kunt je er geen buil aan
vallen want er is immers nog niets gebeurd. Ik noem een makkelijk voorbeeld:
Voorpret over een vakantie. Via internet hotels zoeken, restaurants selecteren,
routes uitzoeken, files vermijden en virtueel door musea dwalen. U maakt
prints van de mooiste plekjes en plakt die in een boek, zodat het vakantiealbum
al klaar is voordat u weg gaat. Ook uw ansichtkaarten naar familie en vrienden
verstuurt u al op het moment dat u met voorpret bezig bent,. Dat is ook
goedkoper, want u kunt op die kaarten gewoon Nederlandse postzegels op
plakken. Voorpret over Haarlem kan uiteraard ook heel goed, bv voorpret:over
het vernieuwde concertgebouw over de heringerichte Oude Groenmarkt; over
de komende Michelangelo tentoonstelling. Voorpret is twee maal pret voor
de prijs van één.
En daarmee vele malen leuker dan dat krampachtige heimweegedoe.
Tot slot nog even over de titel van mijn gesproken column.
Liever Heimwee dan Haarlem. Want die klopt dus helemaal niet, zal u hopelijk
duidelijk zijn.
Dat is juist. Hoe dan die titel te verklaren? Dat was lastig. Ik legde
het aan mijn vrouw voor, omdat ik onlangs in Vrij Nederland las, dat zij
mijn beste raadgeefster is. En dat klopte, want ze zei:
“Je zegt gewoon dat er een vraagteken achter die titel is weggevallen.
en dan geef je aan het eind van je gesproken column het antwoord op die
vraag”. en het antwoord is: Er gaat niets boven Haarlem Zelfs Groningen
en Heimwee niet .
Mocht u van plan zijn mij te bedanken met een bos bloemen, dan verzoek
ik u deze aan Margreeth te geven.
|